Regenwaterput en infiltratie in Vlaanderen: wat is verplicht?

Ga je bouwen, herbouwen of grondig verbouwen in Vlaanderen? Dan krijg je al snel te maken met regels rond regenwater. Hoe groot moet je regenwaterput zijn? Moet je het water ook hergebruiken? Wanneer is infiltratie verplicht? En hoe groot moet zo’n infiltratievoorziening dan zijn?

Sinds 2 oktober 2023 geldt in Vlaanderen de Gewestelijke Hemelwaterverordening 2023. Die vertrekt van een duidelijk principe: regenwater moet zoveel mogelijk op de plaats waar het valt worden opgevangen, gebruikt en in de bodem geïnfiltreerd.

Op deze pagina leggen we de belangrijkste regels in gewone mensentaal uit.

Kort samengevat: bij nieuwbouw, herbouw en bepaalde verbouwingen of uitbreidingen van een woning is een hemelwaterput verplicht. De minimale inhoud hangt onder meer af van de horizontale dakoppervlakte. Het opgevangen water moet maximaal worden hergebruikt en in veel situaties is daarnaast een infiltratievoorziening verplicht.

Complete regenwatersystemen Infiltratieoplossingen Regenwaterputten en wateropslag

Wat zegt de Vlaamse Hemelwaterverordening?

De Vlaamse regelgeving gebruikt officieel het woord hemelwater. Daaronder vallen regen, sneeuw, hagel en dooiwater. Een hemelwaterput is volgens de verordening een constructie waarin hemelwater wordt opgevangen om het vervolgens te gebruiken.

In de praktijk spreken we natuurlijk ook gewoon over een regenwaterput.

De achterliggende gedachte van de regelgeving is eenvoudig: regenwater zo veel mogelijk ter plaatse houden.

Daarbij geldt in grote lijnen deze volgorde:

opvangen → hergebruiken → infiltreren → bufferen en vertraagd afvoeren wanneer infiltratie technisch niet mogelijk is

De bedoeling is dus niet om regenwater zo snel mogelijk naar de riolering te sturen. Regenwater wordt eerst beschouwd als een bruikbare waterbron.

Wanneer is een regenwaterput verplicht?

Bij een woning is een hemelwaterput in principe verplicht bij:

  • nieuwbouw
  • herbouw
  • een verbouwing waarbij aan de afwatering wordt gewerkt
  • een uitbreiding van een bestaand gebouw

Heeft een bestaande woning bij een herbouw, verbouwing of uitbreiding al een hemelwaterput, dan is volgens de gewestelijke verordening niet automatisch een bijkomende hemelwaterput verplicht.

Let wel: de precieze toepassing hangt af van het project. Ook lokale voorschriften en de omgevingsvergunning kunnen een rol spelen.

Hoe groot moet een regenwaterput zijn in Vlaanderen?

Voor een gebouw met één woongelegenheid bepaalt de horizontale dakoppervlakte in belangrijke mate het minimale volume van de hemelwaterput.

Minimale inhoud hemelwaterput

Dakoppervlakte kleiner dan 80 m²
Minimaal 5.000 liter

Dakoppervlakte vanaf 80 m² tot minder dan 120 m²
Minimaal 7.500 liter

Dakoppervlakte vanaf 120 m² tot minder dan 200 m²
Minimaal 10.000 liter

Dakoppervlakte vanaf 200 m²
In principe minimaal 100 liter per m² horizontale dakoppervlakte.

Bij die laatste categorie kan in een vergunningsaanvraag worden aangetoond dat de mogelijkheden om het regenwater te gebruiken niet in verhouding staan tot het berekende volume.

Een woning met een horizontale dakoppervlakte van 70 m² komt dus uit op minimaal 5.000 liter. Bij 90 m² is dat minimaal 7.500 liter en bij 130 m² minimaal 10.000 liter.

Let op: voor gebouwen met meerdere woongelegenheden en voor gebouwen zonder woongelegenheid gelden andere berekeningsregels.

Regenwateropslag

Een regenwaterput plaatsen alleen is niet voldoende

De Vlaamse regelgeving gaat verder dan simpelweg een grote put in de grond steken.

Een hemelwaterput moet ook daadwerkelijk worden gebruikt.

De installatie wordt daarom voorzien van een operationele pompinstallatie en één of meerdere aftappunten, tenzij het water door de zwaartekracht kan worden gebruikt.

Bij de woongelegenheden die op de put worden aangesloten, worden aanvoerleidingen voorzien naar:

  • elk toilet
  • de plaats waar de wasmachine is gepland
  • de tuin, wanneer die aanwezig is

Het opgevangen regenwater moet maximaal worden gebruikt voor toepassingen waarvoor geen drinkwaterkwaliteit nodig is.

Denk aan toiletspoeling, de wasmachine, poetswater en gebruik buitenshuis.

Dat is een belangrijk verschil: de Vlaamse regelgeving kijkt niet alleen naar regenwater opvangen, maar nadrukkelijk ook naar regenwaterrecuperatie en hergebruik.

Moet regenwater ook infiltreren?

Vaak wel.

De Gewestelijke Hemelwaterverordening bepaalt dat bij de werken die onder het toepassingsgebied vallen in principe een infiltratievoorziening wordt voorzien.

Er is onder meer een uitzondering wanneer de kadastrale percelen die samen één eigendom vormen kleiner zijn dan 120 m².

Ook belangrijk: wanneer regenwater van bijvoorbeeld een klein terras, een oprit of een tuinhuis op natuurlijke wijze op het eigen terrein in een voldoende grote onverharde zone kan infiltreren, kan de situatie anders zijn. Je hebt dus niet voor iedere vierkante meter verharding automatisch infiltratiekratten nodig.

Het uitgangspunt blijft hetzelfde: het water zoveel mogelijk laten infiltreren waar het valt.

Hoe groot moet een infiltratievoorziening zijn?

Wanneer een infiltratievoorziening verplicht is, legt de Vlaamse verordening duidelijke minimumnormen op.

De infiltratieoppervlakte moet minimaal 8% van de in rekening te brengen afwaterende oppervlakte bedragen.

Het buffervolume moet minimaal 33 liter per m² in rekening te brengen afwaterende oppervlakte bedragen.

Stel dat voor jouw project 100 m² afwaterende oppervlakte in rekening moet worden gebracht. Dan betekent dat als uitgangspunt:

Minimaal buffervolume:
100 × 33 liter = 3.300 liter

Minimale infiltratieoppervlakte:
100 × 8% = 8 m²

De berekening van de officiële afwaterende oppervlakte is echter niet altijd simpelweg je volledige dakoppervlakte plus alle verharding. De regelgeving bevat aparte bepalingen voor onder meer bestaande en nieuwe verharding, uitbreidingen, waterdoorlatende verharding, groendaken en de aanwezigheid van een hemelwaterput.

Gebruik 33 l/m² daarom niet zonder meer als een eenvoudige rekensom over je volledige perceel.

Bovengronds infiltreren heeft de voorkeur

Een opvallend onderdeel van de huidige Vlaamse regelgeving is dat infiltratievoorzieningen in principe bovengronds worden aangelegd.

Denk bijvoorbeeld aan een verlaging in de tuin, een infiltratiekom, wadi of andere bovengrondse voorziening.

Een ondergrondse infiltratievoorziening kan worden toegepast wanneer in de vergunningsaanvraag gemotiveerd wordt aangetoond dat een ondergrondse aanleg onvermijdbaar is.

Dat is belangrijk wanneer je infiltratiekratten overweegt. Infiltratiekratten zijn een praktische ondergrondse oplossing, maar binnen een vergunningsplichtig project moet ook worden bekeken of en waarom een ondergrondse oplossing aangewezen is.

Wat gebeurt er met de overloop van de regenwaterput?

Een regenwaterput kan tijdens een natte periode uiteindelijk vol raken. Daarom heeft de put een noodoverlaat.

Wanneer een infiltratievoorziening of buffervoorziening aanwezig of verplicht is, wordt de noodoverlaat van de hemelwaterput daarop aangesloten.

Je kunt het systeem dus zien als een keten:

Dak → regenwaterput → hergebruik → overloop → infiltratie

Zo wordt regenwater eerst nuttig gebruikt. Alleen het overtollige water gaat verder naar de infiltratievoorziening.

Dat is meteen de reden waarom een regenwaterput en infiltratievoorziening niet hetzelfde doen.

Een regenwaterput bewaart water om het opnieuw te gebruiken.
Een infiltratievoorziening buffert overtollig water en geeft het af aan de bodem.

In veel projecten heb je dus beide nodig.

Wat als infiltratie technisch niet mogelijk is?

Niet elke bodem of locatie is geschikt om regenwater op dezelfde manier te infiltreren.

Als om technische redenen geen infiltratievoorziening kan worden aangelegd, voorziet de verordening in bepaalde gevallen in buffering met vertraagde afvoer.

Voor een dergelijke buffervoorziening geldt dit wanneer de in rekening te brengen afwaterende oppervlakte minimaal 1.000 m² bedraagt. De voorgeschreven buffercapaciteit bedraagt dan 43 liter per m², met een maximaal lozingsdebiet van 5 liter per seconde per hectare.

Voor een gewone particuliere woning zal deze specifieke regeling dus meestal niet aan de orde zijn.

En wat bij een terras, oprit of tuinhuis?

Hier ontstaat vaak verwarring.

Niet iedere nieuwe verharding betekent automatisch dat je een aparte technische infiltratievoorziening moet plaatsen.

Kan het regenwater van bijvoorbeeld je terras, oprit of tuinhuis op natuurlijke wijze afstromen naar een voldoende grote onverharde zone op je eigen terrein en daar infiltreren zonder dat je daarvoor een afvoersysteem moet aanleggen? Dan valt die situatie onder voorwaarden buiten het toepassingsgebied van de verordening.

Dat is ook precies waarom het verstandig is om bij de aanleg van een tuin niet alles dicht te leggen en regenwater niet automatisch naar de riolering af te voeren.

Een terras dat afwatert naar het gazon is vanuit regenwaterbeheer fundamenteel iets anders dan een terras waarvan het water via een afvoerput rechtstreeks wordt weggevoerd.

Bestaande woning verbouwen: heb ik dan altijd een regenwaterput nodig?

Nee.

Alleen je dak vernieuwen of je buitenmuur isoleren betekent volgens de toelichting bij de Vlaamse regelgeving bijvoorbeeld niet automatisch dat je een hemelwaterput en infiltratievoorziening moet plaatsen.

Anders wordt het wanneer je een bestaand gebouw uitbreidt of verbouwt en daarbij ook werken aan de afwatering uitvoert.

Bovendien gelden specifieke regels wanneer er al een hemelwaterput aanwezig is.

Laat daarom bij een grotere verbouwing altijd beoordelen welke delen van de Gewestelijke Hemelwaterverordening op jouw concrete project van toepassing zijn.

Regenwater en afvalwater moeten gescheiden blijven

De verordening bepaalt ook dat hemelwater en afvalwater gescheiden worden gehouden.

Dat betekent dat regenwater niet zomaar als afvalwater mag worden behandeld. Bij bestaande gebouwen bestaan hierop specifieke uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer voor een volledige scheiding bijkomende leidingen onder of door het bestaande gebouw zouden moeten worden aangelegd.

Voor nieuwbouw is een goed ontworpen gescheiden systeem vanaf het begin dan ook de logische keuze.

Welke oplossing heb ik nodig?

Dat hangt vooral af van wat je gaat bouwen of verbouwen, je dakoppervlakte, de aanwezige verharding, de beschikbare ruimte, het gewenste hergebruik en de mogelijkheden om regenwater op je terrein te laten infiltreren.

Voor veel woningen komt het neer op een combinatie van:

1. Regenwater opvangen

Met een hemelwaterput of regenwatertank.

Bekijk wateropslag

2. Regenwater hergebruiken

Met een pomp, filters en aansluitingen naar bijvoorbeeld toilet, wasmachine en tuin.

 

Bekijk complete regenwatersystemen

3. Overtollig regenwater infiltreren

Via een geschikte infiltratievoorziening.

Bekijk regenwaterinfiltratie Bekijk infiltratiekratten